Locatie:Brugstraat 25, 4701 LB Roosendaal
CBS Typering: Winkel - Woonhuis
Bouwjaar: 1910
Architect: F.B. Sturm
Soort monument: Gemeentelijk Monument
Monumentnummer: .
Geplaatst d.d.: 11 november 1993
Kadastrale aanduiding: Roosendaal, Sectie L, Nr. 3320

Typering

Twee symmetrisch gebouwde drielaagse herenhuizen met lijstgevels en zadeldaken, gedekt met kruispannen.

De voorgevels zijn in de straatwand opgenomen. Het woonhuis nr. 23 heeft een voor- en een achterhuis. Het later aangebouwde achterhuis heeft boven het souterrain twee bouwlagen en is gedekt met een plat dak. Bij het huis hoort een zeer ruime achtertuin.

Historische omschrijving

Het aan de straatzijde gelegen woongedeelte van nr. 23 werd samen met de andere helft van het dubbelpand omstreeks 1910 gebouwd/verbouwd door architect F.B. Sturm.

De begane grond en de verdieping van nr. 25 zijn omstreeks 1930 en later nogmaals ingrijpend verbouwd.

In 1932 werd het woonhuis nr. 23 uitgebreid met een groot achterhuis naar ontwerp van architect Jac. Hurks. Ook de vensters, de deur en de gootlijst van het voorhuis zijn toen aangepast. Het architectonisch zeer waardevolle achterhuis is daarna niet meer gewijzigd. Nr. 23 is nog geheel in gebruik als woonhuis. Nr. 25 wordt op de verdieping bewoond, maar de begane grond is in gebruik als winkel.

Omschrijving exterieur, beide panden.

De voorhuizen zijn opgetrokken uit bruine machinaal gevormde baksteen met een gele, platvolle voeg.

Behalve hoeklisenen heeft het dubbelpand een halfsteens risalerende middenpartij met daarin voor elk woonhuis de hoofdtoegang.

De ramen in het risalerend deel zijn veel breder dan de twee vensterassen aan weerskanten daarvan. De beide panden hebben een hardstenen plint met afschuining, hardstenen dorpels met klosjes en op de begane grond twee schuifvensters onder segmentboog. De kozijnen zijn wit geschilderd met daarboven een boogvulling van gele, rode en blauwgrijze verblendsteen in ruitmotief. De segmentbogen zijn uitgevoerd in profielsteen, met een diamantkop als sluitsteen en een afsluitende koppenlaag.

Woonhuis nr. 23 heeft in het risalerend gedeelte een brede segmentboogportiek met een geverniste houten paneeldeur van de verbouwing in de jaren dertig. De deur heeft een glas-in-lood omlijsting. De portiek heeft hardstenen pilasters met profielen en knoppen.

Boven de ingangspartij een brede vensteras. Het schuifvenster met smalle zijpanelen heeft een breed zesruitsraam met daarboven een segmentboog met een vulling in diagonaal blokjespatroon. Ook de twee schuifvensters links van de risaliet hebben een gelijkvormige segmentboog met veld.

De ramen van de tweede verdieping zijn minder hoog. Ook hier één brede raamtravee in de risaliet en twee smallere vensterassen. De roedeverdeling van de ramen is hier sterk gewijzigd. De boogvullingen zijn uitgevoerd in een blokjespatroon.

Als gevelbekroning tussen de lisenen is een dubbele uitgemetselde rand met daarboven een omtimmerde gootlijst aanwezig.

Nr. 25 heeft in de middenrisaliet een lagere, smalle paneeldeur in een segmentboogportiek, daarnaast de uitgebroken en vernieuwde winkelpui, die wit geschilderd is. De gevelindelingen op de verdiepingen zijn gelijk aan de indelingen van nr. 23.

Op de nokeinden staan smalle bakstenen schoorstenen.

Het achterhuis van nr. 23 bestaat uit een rechthoekig blok met links een halfronde erker en een balkon, daarvoor een groot terras met ronde vormen. De gevels zijn gemetseld in bruine, imitatiehandvorm baksteen, waarbij de lintvoeg verdiept met een donkergrijze en de stootvoeg platvol met een geelwitte voeg is afgewerkt. Het metselwerk is uitgevoerd in kettingverband.

Vanuit de tuin is links onder de erker, met vier treden, de toegang naar de kelderverdieping. De opgang vanaf het terras naar het woonhuis bestaat uit vier verspringende treden met afgeronde aantreden.

Een gebogen borstweringsmuurtje sluit aan op de gevel en eindigt bij de terrasopgang in een halfronde vorm. De borstweringmuurtjes zijn afgedekt met een brede hardstenen plaat. Het terras is asymmetrisch belegd met steenrode, zwarte en witte tegels.

De grote, halfronde erker op het terras heeft zes ramen. Het meest links geplaatste raam staat al in de zijgevel. Onder de erkerramen is een brede doorgaande hardstenen dorpelband.

De openslaande ramen hebben een twintigruitsverdeling door middel van loodstrippen, daarboven lichten met glas-in-loodbeglazing.

Tussen raam en bovenlicht bevindt zich een rondgaande betonnen luifel, doorlopend als brede rechte luifel t.p.v. de tuindeuren.

T.p.v. de zijmuur is de luifel opgelegd op een sierkogel.

Op de verdieping heeft de achtergevel vier zestienruits vensters met loodstrippenverdeling, onder de vensters een doorgaande hardstenen dorpel. Links van de vensters een paneeldeur naar het balkon. Boven deur en vensters een doorgaande koppenlaag en uitgemetselde hoekjes.

Het halfronde balkon met gesloten bakstenen borstwering heeft een afdekrand van hardsteen, doorlopend in de linker zijgevel.

Rechts op het dak een brede bakstenen schoorsteen met sierband.

Omschrijving interieur

Het oudere voorhuis heeft een kamer-en-suite indeling met een marmeren schouw, parketvloeren en een plafond met eenvoudig stucwerk in lineair patroon.

Tussen de kamers schuifdeuren met kasten.

Het achterhuis heeft een driedeling:

vanaf het tuinterras:

- de zitkamer met ronde erker

- de halkamer met trap naar de verdieping

- de wintertuin, nu in gebruik als eetkamer met annex de keuken.

Het pand is voorzien van centrale verwarming; de radiatoren hebben nog de oorspronkelijke goudkleur. Zeldzaam en uniek in het interieur is de bewaard gebleven eenheid van glas-in-lood, betegeling en verlichting.

De zitkamer met ronde erker

De vensterbanken boven de verwarmingsradiatoren zijn van zwart-wit geaderd marmer. De hoge houten lambrizering heeft panelen voorzien van behangwerk. De bovenlichten zijn bezet met Art Deco beglazing in de kleuren: oker, blauw, zwart en oudroze.

Het plafond van de erker is betimmerd met smalle donkere latten met klosjes, alle gericht naar het centrale lichtpunt. De hoofdruimte heeft eveneens een hoge lambrizering, met rechts twee ingebouwde hoekkasten en linksachter een kastdeur, met Art Deco-motief in oranjegeel op zwart hout. Smalle donkere houten latjes vormen op het plafond een geometrisch patroon. Tussen de zitkamer en de halkamer zijn schuifdeuren aangebracht.

De halkamer

Deze nagenoeg vierkante ruimte is twee verdiepingen hoog en opgedeeld in streng geometrische Art Deco-vormen. Rechts, tussen radiatoren, een brede hoge spiegel met betegelde omlijsting waarin verlichting is opgenomen. De spiegel bestaat uit vierkante delen met verchroomde bevestigingspunten, op de vier hoeken spiegeldelen in siermotief. Naast de spiegel aan beide kanten hoge, betegelde delen, een lager gedeelte van melkglas met daarachter verlichting en weer iets lager een brede zuil met een plantenbak, de opbouw met uitgespaarde diepe bak is bezet met zwarte en koningsblauwe vierkante hoogglanstegels, de tegels hebben een formaat van tien bij tien centimeter. Voor de (planten)bak zes oranje betegelde ornamenten.

Tegenover de spiegelwand een deur en een okergele pluche bank met hoge rugleuning, de hoge donkere lambrizering, eindigt in een omlopende donkere lijst. Aan de lijst hangt links van de bank een melkglazen bollampje. Naast de bank de steektrap met bordes naar de voormalige kinderkamer op de eerste verdieping, de trap heeft een houten zijdeel met kubistische vormen.

De vormen in de donkere houten lambrizering en het muurwerk stemmen overeen met de vormen van het tredenverloop.

Onder het plafond is in drie wanden een raamstel geplaatst van gebundelde, staande glas-in-loodpanelen op driehoekige grondvorm, deze smalle raampjes kunnen geopend worden.

Aan de kant van de woonkamer is extra verlichting aangebracht. Aan de bovenkant van de ramen zijn aan zes donkere consoles bollampen opgehangen, d.m.v. een lange verchroomde buis.

De ruimte wordt verlicht via een glas-in-lood legraam met geometrisch rand- en middenpatroon. Op de verdieping bevinden zich slaapkamers zonder decoratieve elementen.

Door de deur in de hal komt men in een gangetje waarin een toilet met een glas-in-loodraampje en een betegelde lambrizering. Het gangetje wordt verlicht door een glas-in-lood legraam.

De doorgang tussen hal en wintertuin is met een rolscherm afsluitbaar.

De wintertuin is nu in gebruik als eetkamer.

Deze langwerpige ruimte loopt enigszins taps toe. De vloer is voornamelijk betegeld met matzwarte tegels, witte tegels volgen met drie parallelle banen de vorm van de kamer en de ingebouwde delen. De op de wand aansluitende vloertegels hebben een afgeronde, holle hoek.

Deze wandtegels zijn blauw en zwart geglazuurde tegels met goudkleurige onderdelen.

In de ruimte zijn er diverse betegelde plantenbakken en een bak met daarboven een kraan. Boven twee van de plantenbakken in de linker zijwand zijn glas-in-loodramen geplaatst.

Aan de rechterwand in het midden van de ruimte vijf smalle, cilindervormige staande melkglas lampen met sieromlijsting in goud en zwart, eveneens aan de rechterkant drie brede lampen van hetzelfde materiaal, ook met een verchroomde houder.

De ruimte krijgt daglicht door een glas-in-lood legraam.

Grenzend aan de eetkamer is later een aan de eisen van de tijd aangepaste keuken gebouwd.

Redengevende omschrijving

Het dubbelpand heeft waarde als onderdeel van de gevelwand. Het achterhuis Brugstraat 23 ontworpen door Jac. Hurks is architectonisch van belang in diens oeuvre. Het is een buitengewoon gaaf voorbeeld van een woonhuis met een compleet interieur in de stijl van de Art Deco.

  • TERUG