Locatie:Brugstraat 70, 4701 LK Roosendaal
CBS Typering: Winkel/bovenwoning
Bouwjaar: 1911
Architect: .
Soort monument: Gemeentelijk Monument
Monumentnummer: .
Geplaatst d.d.: 16 september 2008
Kadastrale aanduiding: Roosendaal, Sectie B, Nr. 2371

Omschrijving van het monument

Algemeen

De Brugstraat is in zijn huidige vorm aangelegd in 1907 omdat de Stationsstraat moest worden verlengd in verband met de verplaatsing van het stationsgebouw. De straat valt in stedenbouwkundige opzicht onder de stationsbuurt en heeft daarom betekenis als voorbeeld van de inrichting van een stationswijk in het begin van de 20ste eeuw. De panden aan de Brugstraat tonen een rijke schakering aan bouwstijlen en invloeden daarvan. Veel panden zijn als woningen gebouwd maar later als winkel-woonhuis verbouwd waardoor de puien in veel gevallen zijn aangetast.

Rond 1911 is het blok Brugstraat 56 t/m 70 gebouwd in opdracht van J.F.W. van Schaik te Roosendaal in een Eclectische stijl met elementen uit de Neorenaissance en de Jugendstil. Het hoekpand nummer 70, op de hoek van de Brugstraat en de Lyceumlaan, staat op een driehoekig grondvlak. Het omvat een kelder, een begane grond, een verdieping en een zolder onder een kap met plat waarvan de dakschilden zijn voorzien van een rode, bitumineuze dakbedekking. De vensters en de entree in de overhoekse gevel waren ten tijde van de verkenning door rolluiken aan het zicht onttrokken. Oorspronkelijk werd het pand als winkel met bovenwoning gebouwd.

Al tijdens de bouw werd de winkelfunctie gewijzigd tot "herberg lokaal" en heeft het de naam café "Monopole" gedragen. Oud-wielrenner en wereldkampioen Jef van de Vijver was in die tijd uitbater.

Gevels algemeen

De tweelaagse gevels en de drielaags overhoekse gevel met gedecoreerde hoekpinakels zijn met rode verblendsteen in kruisverband gemetseld. Het voegwerk met geknipte voeg is oorspronkelijk. De representatieve voorgevel en de soberder gevel aan de Lyceumstraat zijn respectievelijk vier en drie gevelassen breed. De voorgevel is in de eerste en derde gevelas één laag hoger opgemetseld. Door de gecementeerde plint en de gewitte, kunststenen spekbanden hebben de gevels een horizontale geleding. De gevels worden beëindigd door een gootlijst die in het recente verleden voorzien is van een detonerende, kunststof beplating. De vensteropeningen op de begane grond en de verdieping hebben een segmentboog en een stenen lekdorpel. De entree aan de Brugstraat, de gevelopeningen in de overhoekse gevel en ter hoogte van de zolder hebben een rondboog als ontlastingsconstructie. De ontlastingsconstructies hebben gewitte, vlakke aanzet-, en sluistenen. Het meest representatief, en kenmerkend voor de Jugendstil, is de kunststenen hoefijzerboog boven de entree in de overhoekse gevel.

Gevel Brugstraat

De gevel aan de Brugstraat heeft twee kelderlichten, twee brede vensteropeningen op de begane grond, een brede entree en de oorspronkelijke voordeur van de bovenwoning. De voordeur is in het recente verleden voorzien van een detonerende witte verflaag. In het bovenlicht boven het geprofileerde kalf zit het oorspronkelijke glas-in-lood gevat. Op de verdieping bevinden zich twee brede vensters met voor de bouwtijd kenmerkende meerdere raamdelen en meerruits bovenramen, een houten hangende erker op consoles, en een smalle vensteropening met een meerruits bovenraam. De boven- en onderzijde van de hangende erker zijn recentelijk voorzien van een trespa beplating. In de bovenramen van de vensters en de erker zit geel kathedraalglas gevat. Ter hoogte van de zolder bevindt zich in de eerste gevelas een zoldervenster met stolpende ramen en een meerruits bovenraam. Het hoger opgemetselde deel heeft een toppinakel en is aan de rechterzijde afgeschuind. Het dakvlak wordt in de tweede as doorbroken door een vernieuwde dakkapel. Het dak van de erker in de derde gevelas fungeert als balkon. Het hoger opgemetselde deel is net als de overhoekse gevel voorzien van gedecoreerde hoekpinakels. Er bevinden zich centraal in een hoefijzervormige pui openslaande balkondeuren met zij- en bovenlichten. Net als op de onderliggende verdieping zijn de bovenlichten voorzien van geel kathedraalglas. Rechts bevinden zich twee kleine, blinde rondboogvensters met een stenen lekdorpel.

Gevel aan de Lyceumlaan

De sobere achtergevel aan de Lyceumlaan is alleen bij de overhoekse gevel hoger opgemetseld. De gevel heeft twee kelderlichten en drie vensteropeningen op de begane grond. Ter hoogte van de verdieping bevinden zich een vensteropening en twee blinde vensters. Deze blinde vensters zijn naar alle waarschijnlijkheid altijd blind geweest om een evenwichtig gevelbeeld te verkrijgen. Het verdiepingsvenster is net als de verdiepingsvensters in de voorgevel voorzien van meerdere raamdelen en meerruits bovenramen met geel kathedraalglas. Het dakvlak wordt doorbroken door twee vernieuwde dakkapellen. Zoals gezegd is de gevel bij de overhoekse gevel hoger opgemetseld. Dit geveldeel is identiek aan het geveldeel zoals beschreven bij de voorgevel.

  • TERUG