Locatie:Molenstraat 7, 4701 JK Roosendaal
CBS Typering: oonhuis
Bouwjaar: 1898
Architect: A.J. de Bruijn
Soort monument: Gemeentelijk
Monumentnummer: .
Geplaatst d.d.: 23 december 1992.
Kadastrale aanduiding: Roosendaal, Sectie L, Nr 4565

Typering
Het betreft een tweelaags pand van drie traveeŽn in de gevelwand met een parallel zadeldak met zwarte leien aan de voorzijde, een plat deel en een haaks zadeldak met rode oud hollandse pannen aan de achterzijde. De twee rechter traveeŽn eindigen in een lijstgevel, de linkertravee wordt beŽindigd als trapgevel.

Historische omschrijving
Dit pand werd in 1898 in opdracht van Piet Konings als woonhuis gebouwd en is thans in gebruik als kantoor.
De architect is A.J. de Bruijn.

Omschrijving exterieur
De hardstenen plint van het pand is opgebouwd uit drie lagen blokken en een afdekrand. De plint wordt rechts van de deur onderbroken door een uitgespaarde schoenenschraper met afgeschuinde kanten en een ijzeren stang.
Daarboven is een gedeelte met twee consoles voor de vensterdorpel van de linkertravee. Tussen deze consoles zijn cirkels en een rechthoek ter decoratie aangebracht. Onder de vensterdorpel van de rechter-travee zijn in cassetten vier rozetten in cirkels met band- en rolwerk en bladmotieven in de hoeken.
Boven de dorpels is de gevel opgetrokken in machinale bruine baksteen en is platvol gevoegd. De gevel wordt verder geleed door witgeverfde speklagen en hoekblokjes van afwisselende grootte. Door de brede linkertravee een fractie te laten risaleren boven de plint en dit te accentueren door een verticale pleisterlaag met blokjes van afwisselende grootte wordt de opbouw van de gevel in twee delen gescheiden.
Aan weerskanten van het pand zijn smalle poorten, zodat het een geheel vrijstaand pand is.
In het midden bevindt zich de originele donker geschilderde paneeldeur, te bereiken via vier inpandige hardstenen treden. Deze deur bevindt zich in een segmentboogvormig portiek met stucwerkomlijsting. In de verdiepte velden treft men het motief van de Vlaamse Renaissancewortel. Er is een wigvormige diamantkop als sluitsteen, met eindlijst. De bovenrand is halfrond geprofileerd en eindigt in horizontale stukjes boven de speklaag. Aan weerszijden van de sluitsteen heeft het stucwerk boven de profielrand een getrapte verwerking.
De deur heeft iets onder het midden een zilverkleurige duwstang, die is versierd met bladranden en pijnappelvormige uiteinden heeft. Hierboven zijn gietijzeren sierroosters aangebracht met een repeterend geometrisch motief. Het kalf heeft een tandlijst en blokjes. Het segment-boogvormige bovenlicht heeft vernieuwd glas-in-lood. Het houtwerk rondom de deur is afgewerkt met vellingen.
Het witgeschilderde schuifvenster rechts heeft dezelfde breedte en pleisterafwerking als de portiekomlijsting. Alle vensters op de begane grond hebben houten rolluiken.

In de linkertravee bevindt zich een breed venster met twee deelpilasters met verdiepte velden waarin Vlaamse Renaissancewortels en bandwerk zijn aangebracht. Hiertussen bevinden zich schuifvensters.
De getoogde bovenrand en afwerking komen verder overeen met die van de andere traveeŽn.
De deelpilasters zetten zich voort als afgeschuinde consoles met knoppen, sleuven en rolwerk en drie ronde rozetten. Hierboven bevindt zich de gewelfde aanzet en steunplaat voor de erker. De gewelfde aanzet is voorzien van een rand met paletten en een brede rand van afgeronde verticale sleuven. Hierboven bevindt zich net onder de waterlijst een smalle pleisterband. Deze band heeft een klein vlak pleisterblokje als verbinding ter hoogte van de sluitsteen bij portiek en venster. De waterlijst is met de aanzetwelving mee boogvormig en volgt verder zoals gebruikelijk een rechte lijn. Boven de waterlijst heeft de erker afgeschuinde zijden. Tussen de hardstenen hoekblokken van de borstwering en de afsluitende hardsteen lijst zijn drie velden. Deze zijn voorzien van stucwerkmotieven, bladmotieven vanuit een centraal punt. De genoemde afsluitlijst loopt door en vormt zo tevens de afsluiting van de borstwering van de twee vensters op de eerste verdieping. De velden van stucwerk bij beide vensters zijn geplaatst tussen blokken met vellingen. In het stucwerk zijn voorstellingen aangebracht van arabesken met drakekoppen. De twee vensters zijn naar binnen draaiende vensters met bovenlicht. Ter hoogte van het midden van de wisseldorpel is een conisch gevormd houten sierblokje aangebracht. Boven een iets verdiept veld hebben deze een segmentboog met witte aanzet- en sluitstenen. De aanzetstenen zijn voorzien van een halfronde bol, de wigvormige sluitsteen met een diamantkop.

De erker heeft aan de voorzijde eenzelfde raam en in de zijvlakken een smal schuifraam. De erkerramen bevinden zich tussen stenen pilasterachtige elementen die zijn voorzien van verdiepte velden en cirkels en een geprofileerde eindlijst. De laatste is ook aangebracht bij de vensters op deze verdieping. Direct boven de sluitstenen is een profiellijst en een fries met stucwerk. Dit stucwerk heeft Neo-Francois decoraties met arabesken en bladmotieven. De uitkragende houten gootlijst rust op houten klossen.
In het dakvlak is tussen de twee vensters een kleine eenlichts dakkapel met een spits toelopend en overstekende overkapping van zwarte leien. Op de spits bevindt zich een piron in de vorm van een gebogen openstaande bloem.
Boven de erkervensters is een rand van gecompliceerde meanders in reliŽf en een uitkragende geprofileerde lijst. Hierop volgt een ijzeren balkon met rozetten en symmetrische krulpatronen tussen twee hardstenen hoekstukken.
Tenslotte de topgevel, welke is uitgevoerd als trapgevel. Het bakstenen gedeelte is ook hier geleed door smalle speklagen. De trappen worden afgedekt met wit geschilderde stenen voluten en rolwerk.
Er zijn twee gepleisterde vlakke pinakels met diamantkoppen, waarvan de linker nog de siervaas als bekroning heeft. Als toegang tot het balkon zijn er openslaande deuren en een halfrond bovenlicht met vernieuwd glas-in-lood, het geheel omlijst met een bewerkte pleisterlaag. Vanuit de sluitsteen komt een smalle overhoeks geplaatste pinakel, aan weerszijden door een gekruld symmetrisch sieranker voorzien.

Het pand verkeert in goede staat.

Redengevende omschrijving
De gevel van het pand is een goed en gaaf voorbeeld van een voornaam huis van gemiddelde breedte en hoogte, in de stijl van de Neo-Renaissance en vormt een belangrijk element in de structuur van de gevelwand.
De gevel maakt onderdeel uit van de historisch gegroeide stedebouwkundige structuur van de Molenstraat.

  • TERUG